Huilen die ik niet zo snel of vaak, maar ik moet jullie bekennen dat in Australië en met name in Nieuw-Zeeland de tranen regelmatig spontaan over m’n wangen kriebelden. Niet vanwege intens verdriet, maar omdat ik zo overweldigd was door het natuurschoon: die wonderlijk gekleurde hemels boven oneindige vergezichten. Ik voelde me haast opgelaten dat ik daar getuige van mocht zijn.

Het lijkt wel of de hemel in brand staat, zo fel is de gloed.

Het lijkt wel of de hemel in brand staat, zo fel is de gloed.

Zoals in het niemandsland van Moora. Het ligt vanaf Perth maar op een paar uur rijden het binnenland in, maar omdat rust hier echt rust is voelt het als de outback. En zo noemen de locals het ook. Ik belandde er in 2010 om – met mijn work- en holidayvisum- te gaan werken op een farm van een paar Zuid-Afrikanen. We hoefden ons niet te bekommeren om koeien, schapen of kangoeroes of krokodillen. Nee, deze was wat minder ruig qua werkzaamheden…Alhoewel…(ik kom er later nog op terug….)

Echidna’s

Het leek zo aanlokkelijk, het werken op de wijngaard annex bloemenkwekerij. Want zo ongeveer stond het omschreven op de advertentie: je wordt bij aankomst opgehaald, werkt op hete dagen komt te werken temidden van stekelige echidna’s en zeldzame kaketoes, doet werk waarmee je aanspraak kunt maken op je ‘second year visa’ en je zult veel nieuwe dingen leren. Bovendien zouden er andere backpackers zijn, dus aan gezelligheid geen gebrek. Om met dat laatste te beginnen: ja, ik had het getroffen met een Ier en Engelsman met humor zo droog als beschuit. Ze praatten ongeveer zoals een rasechte Twentenaar met een zwaar accent die in de herfst van zijn leven Engels begint te praten.

Magische zonsondergang in the outback

Magische zonsondergang in the outback

Enfin, aan lol geen gebrek. En nieuwe dingen leerden we ook bij de vleet. Mijn technische (on)vermogen is nog nooit zo op de proef gesteld. Ik herinner me die keer dat we op een groot stuk rood grond een irrigatiesysteem moesten aanleggen. De buizen hadden allemaal andere uiteinden en moesten dus onder de grond worden verbonden. Heel toevallig was ik het die ergens een foutje had begaan. Moesten we de enorme gleuven die we hadden gegraven weer open maken. Al het geploeter in het zware zand was voor niets geweest. Boos dat die boeren waren!

Sterrenhemel

Zo lomp als ze soms konden reageren als het niet naar hun zin ging, zo rustig werden ze in de kas waar ze bloemen afsneden, om die eens per week op een veiling te verkopen. Ik hielp ook wel eens mee, maar veel kan ik me er eerlijk gezegd niet meer van herinneren. Vrij geestdodend vond ik het denk ik. Wat ik me nog het scherpst kan herinneren waren de zonsondergangen en de extreme sterrenhemel. De hemel vulde zich elke dag met andere kleuren, de ene keer nog extremer dan de andere. In Nederland kan het trouwens ook geweldig mooi zijn, maar vaak staan gebouwen net even heel hinderlijk in het beeld, en krijg je ze ook niet zo ver om aan de kant te gaan;) Nee, hierin onderscheidt ‘Nieuw-Holland’, want zo heette Australië vanwege de Nederlandse ontdekkingsreizen enige tijd, zich van ‘ons’ Holland.

Mooie ochtendgloed in Utrecht

Mooie ochtendgloed in Utrecht, alleen die gebouwen…

En dan de sterren. Bloody hell, impressive…Als je iets te lang omhoog keek, leek het bijna of ze op je af kwamen. Donkerder dan in Moora wordt het niet…

Spartaans

Wat me verder nog helder voor de geest staat is het het Spartaanse regiem. Nee, dat zal ik niet snel vergeten. Ten eerste bepaald door het weer: overdag verschroeiend heet, en ‘s nachts soms zo koud dat we in de schuur waar voorheen volgens mij beesten zaten, met muts op en handschoenen aan sliepen. Het boerenwerk viel ons alledrie zwaar. Er waren genoeg lachmomenten -toen we hortend en stotend, want voor het eerst, in een tractor reden- en toen we enorme leguanen tegenkwamen op de weg naar de supermarkt (en die zonder probleem konden oppakken.

Maar de verveling sloeg toe. Elke dag blikken tonijn en eieren wordt op enig moment wat veel van het goede. Zeker als je tijdens het eten ook nog eens wordt geterroriseerd – en daar is geen letter van gelogen- door stront- en strontirritante vliegen. Ik heb nu enig idee wat deelnemers aan Expeditie Robinson doormaken…Op enig moment kregen we energie van een aanlokkelijk bericht. Er zouden leuke dames uit Schotland in aantocht zijn. Volgens de Zuid-Afrikaanse boer waren ze bepaald niet lelijk. Moora hebben ze echter nooit bereikt….

Wachten op vrouwen die niet kwamen...

Verveeld wachten op vrouwen die niet kwamen…

Geen verbinding

Dit schreef ik erover aan mijn familie destijds. Dan krijg je een idee:

Hoi family,

Ben inmiddels aangekomen op de farm in the middle of nowhere. Dichtstbijzijnde plaatsje (Moora, vlakbij Perth) is half uur rijden, en zelfs daar wonen maar paar honderd man. Dit is, volgens mij, het echte Australië. Afgelopen dagen gewerkt in de kassen, verven, vandaag gaten gegraven etc.
Slaap in een cabine met gast uit Engeland en een Ier, enorm primitief allemaal, haha. Wel geinig. Punt is wel dat mijn provider, Vodafone, hier geen dekking heeft. Met andere woorden: het heeft geen zin om me te bellen of smsen.

Blijf hier nog wel een tijdje. Plan is drie maanden, maar weet niet of ik me al eerder ga vervelen. Je zit wel echt in the middle of nowhere….Enige vertier is de tv, en beetje kaarten…

………………..

Liefs, Pieter

Uiteindelijk heb ik het volgens mij een maand volgehouden. Maar aan de zonsondergangen en -opkomsten lag het niet. En nu ik de laatste tijd zo druk ben geweest met al het Facebooken, Twitteren en bloggen, snak ik weer naar de basics. Ik zou haast teruggaan naar Moora.

Morgen deel 3 van deze serie ‘Aftellen naar Down Under in 3-2-1’ Stay tuned!

Reacties